
Crypte of Confessio
De ‘crypte’ van Haringe werd pas in juli 1976, tijdens een grondige restauratie van de kerk, die van 1968 tot 1981 duurde, ontdekt. Tijdens het uitbreken van de vloer stuitten de archeologen op de muren van de ‘crypte’, met aan de westkant twee vensteropeningen. Als snel bleek dat die muren eigenlijk de overblijfselen waren van het allereerste kerkje, waarvan sprake in oude documenten van 899. In die akten staat Haringe vermeld als erkende bedeplaats, afhankelijk van de abdij van Terenburg (Thérouane). Het bescheiden kerkje werd waarschijnlijk door Keltische monniken – die in die jaren de regio kwamen ‘kerstenen’ - gebouwd en zou vooral als ‘confessio’ (biechtplaats, rechtspraak en bewaarplaats voor kerkelijke attributen) gefungeerd hebben.
De muurschildering is een vrije interpretatie van pater-kunstenaar Joris Declercq, die tijdens de restauratiewerken pastoor was in Haringe. Op de zijmuur van de crypte werden sporen van een fresco gevonden en de fantasie en het schildertalent van de pater deden de rest…

